
In de bossen bij Ugchelen, op de Bakenberg, ligt een graf dat eigenlijk niet had mogen bestaan. Geen rij grafstenen, geen officieel kerkhof, maar een stukje grond van tien bij tien meter. Daar werd Jan de Vries begraven, een man die in Apeldoorn bekendstond als lastig, koppig en vooral onverzettelijk.
Een leven vol strijd met de gemeente
Jan de Vries was geen onbekende voor de gemeente Apeldoorn. De 73-jarige boer lag regelmatig in de clinch met de overheid. Hij vocht tegen plannen, verzette zich tegen regels en gaf zelden toe.
Zijn naam ging rond op het gemeentehuis. Ambtenaren wisten precies met wie ze te maken hadden. De Vries stond bekend als iemand die zijn gelijk bleef halen, desnoods met stemverheffing of een fel optreden.
Soms verscheen hij woedend bij het gemeentehuis, niet zelden vergezeld door zijn zonen. Hij kon fel zijn, onvoorspelbaar en moeilijk te sturen. Toch zagen sommigen ook een andere kant. Een man met een sterk rechtvaardigheidsgevoel, die streed voor wat hij zelf als eerlijk beschouwde.
De laatste wens
Ook over zijn eigen begrafenis had De Vries een uitgesproken mening. Hij wilde niet op een gewone begraafplaats liggen. Het idee dat zijn graf na tien of vijftien jaar geruimd zou worden, stond hem tegen. Voor hem voelde dat als tijdelijk, alsof zijn rust ooit zou worden verstoord. Hij wilde blijven.
Daarom koos hij voor een eigen plek. Een stuk bosgrond bij Ugchelen, op de Bakenberg. Hij kocht het perceel zelf, tien bij tien meter groot, met het duidelijke doel om daar begraven te worden.
De gemeente gaf geen toestemming. Maar zoals zo vaak in zijn leven, trok De Vries zich daar weinig van aan.
De begrafenis die niet mocht
Na zijn overlijden werd zijn wens toch uitgevoerd. Familieleden begroeven hem op het stuk grond dat hij had gekocht. Geen officiële ceremonie op een begraafplaats, maar een besloten afscheid midden in de natuur.
Een week later waren alleen nog bloemen zichtbaar. In een hoek van het perceel, omgeven door een eenvoudig houten hekwerk, lag hij daar. Illegaal, maar precies zoals hij het had gewild.
De gemeente grijpt in, maar twijfelt
De gemeente Apeldoorn zat met de situatie in haar maag. Er werd aangifte gedaan van overtreding van de wet op de lijkbezorging. Tegelijkertijd wist men dat de wet weinig houvast bood om echt hard op te treden.
Justitie in Zutphen hield zich voorlopig op de vlakte. Binnen de gemeente werd overleg gevoerd. Hoe moest hiermee worden omgegaan. Ingrijpen zou betekenen dat een graf mogelijk geruimd moest worden, iets wat gevoelig lag. Niet alleen juridisch, maar ook menselijk.
Ondertussen werd contact gezocht met instanties, waaronder de inspectie milieuhygiëne, om te bepalen wat de mogelijkheden waren.
Een man die bleef provoceren
Zelfs na zijn dood leek De Vries de gemeente nog uit te dagen. In Apeldoorn werd erover gesproken. In cafés, in het dorp, onder stamgasten. Sommigen vonden het typisch voor hem. Anderen zagen het als een laatste daad van verzet. Voor veel mensen paste het volledig in het beeld dat ze van hem hadden.
Een kwestie zonder duidelijk antwoord
De zaak rond Jan de Vries liet zien hoe ingewikkeld regels kunnen zijn wanneer persoonlijke wensen botsen met wetgeving. De gemeente zag het als een overtreding. De familie zag het als het respecteren van een laatste wens. En ergens daartussen bleef het graf liggen.
De man die niet boog
Jan de Vries was tijdens zijn leven een man die niet snel toegaf. Hij botste met regels, met plannen en met mensen die hem wilden sturen. Na zijn dood veranderde dat niet.




