Draaiorgelman Peter Hurenkamp bij zijn orgel op de Hoofdstraat, 2009
Op 14 maart 1950 werd aan de Mheenweg 37 in Apeldoorn een jongen geboren die later uit zou groeien tot een van de meest herkenbare gezichten van de stad. Zijn naam was Peter Hurenkamp. Wie in de jaren zeventig, tachtig of negentig door de Hoofdstraat liep, kende hem vrijwel zeker. De vrolijke klanken van zijn draaiorgel en het rammelen van zijn koperen centenbakje hoorden jarenlang bij het straatbeeld van Apeldoorn.
Jeugd tussen slagerij en straatleven
Peter werd geboren als zoon van slager Antoon Hurenkamp en Elisabeth Reijerman. Het gezin woonde aan de Mheenweg waar de slagerij aan huis zorgde voor een constante stroom aan klanten, leveranciers en buurtbewoners. In zo’n huis stond de deur zelden stil.
Zijn moeder had vóór Peters geboorte al drie kinderen gekregen die allemaal jong waren overleden. Daardoor groeide Peter op als enig kind. In een katholiek gezin met vaste gewoonten en een hechte familieband kreeg hij vaak extra aandacht.
Rond 1960 verhuisde het gezin naar de Sperwerlaan. Vanaf het schoolplein aan die straat konden buurtkinderen soms zien hoe moeder Elisabeth in de achtertuin een kip stond te slachten. Voor haar was het gewoon werk.
Vader Antoon had een heel ander soort talent. Hij stond bekend om zijn humor en zijn gewoonte om in het café ritmes te trommelen op lege bierflesjes. Muziek zat dus al vroeg ergens in het gezin.
De eerste stappen met het draaiorgel
Toen Peter twaalf jaar oud was, veranderde zijn leven. In Apeldoorn liep in die tijd een bekende orgelman rond, Karel Bakker uit Den Haag. Hij was een opvallende verschijning in de stad en trok regelmatig publiek wanneer zijn draaiorgel begon te spelen.
Peter raakte gefascineerd door de muziek en mocht met Karel meelopen. Zo begon zijn opleiding als orgelman. Hij hielp met het duwen van het orgel, haalde geld op bij het publiek en keek hoe het vak werkte.
Samen trokken ze door het centrum van Apeldoorn en werden ze ingehuurd voor feesten, partijen en bijzondere gelegenheden.
In het begin moest het orgel nog met de hand worden aangedreven. Dat betekende flink draaien aan het mechanisme. Rond 1960 werd op de Ambachtsschool aan de Molenstraat een benzinemotor in het orgel gebouwd. Dat maakte het werk een stuk lichter.
Het bracht ook gevaar met zich mee. Op een dag raakte de lange sjaal van Karel Bakker verstrikt in het draaiende mechaniek. Het scheelde weinig of hij was gewurgd. Alleen doordat iemand snel ingreep, liep het goed af. Het verhaal werd nog jarenlang in Apeldoorn verteld.
Karel Bakker woonde in Apeldoorn eveneens aan de Sperwerlaan. Voor Peter liep in die tijd Bennie Davelaar met hem mee als helper.
Van leerling naar eigen orgelman
Toen Karel Bakker overleed, nam Peter zijn draaiorgel over. Daarmee begon zijn eigen carrière als straatmuzikant. Het orgel had een opvallend front waarop duidelijk stond vermeld:
U kunt ons huren voor al uw feesten en partijen
Peter Hurenkamp
Sperwerlaan 30
Apeldoorn
Tel. 30894
Peter werd al snel een vertrouwd gezicht in de stad. Met een pet op zijn hoofd, vaak een sigaret op zijn lip en een koperen centenbakje in de hand liep hij naast het orgel. Op de maat van de muziek liet hij het bakje rinkelen. Wie iets gaf, kreeg altijd een bedankje. Soms een knik, soms een knipoog.
Kinderen waren dol op hem. Af en toe mochten ze even aan het orgel draaien. Voor veel Apeldoorners was dat een herinnering die ze hun hele leven bleven vertellen.
Winkeliers hadden ook hun eigen manier van omgaan met Peter. Vaak lieten ze hem even wachten tot de klanten waren geholpen. Daarna kwam er een muntje in het bakje en een vriendelijk woord.
Muziek bij bijzondere momenten
Peter speelde bij talloze gelegenheden in Apeldoorn. Soms vrolijk, soms ontroerend. Bij de opening van de nieuwe studio van Radio Apeldoorn in 1989 zette hij de straat muzikaal op stelten. Mensen bleven staan luisteren terwijl het orgel de hele straat vulde met muziek.
Op een bruiloft speelde hij ooit het nummer ‘O, was ik maar bij moeder thuis gebleven’. De gasten lagen dubbel van het lachen. Maar hij wist ook wanneer stilte gepast was. Tijdens een rouwstoet in 1976 stopte hij direct met spelen toen de stoet voorbij kwam. Hij stond stil naast zijn orgel en boog zijn hoofd uit respect. Dat gebaar maakte diepe indruk op omstanders.
Humor en verhalen uit de stad
Peter stond bekend om zijn droge humor. Een keer werd hij gebeld door iemand van een band die vroeg of hij toetsenist wilde worden. Hij besloot het spelletje mee te spelen en praatte een kwartier mee over muziek en optredens. Uiteindelijk zei hij rustig dat hij nog een probleem had.
Hij kon zijn orgel namelijk niet zelf het podium op krijgen.
De beller vroeg wat voor orgel hij had.
Een draaiorgel, antwoordde Peter.
Aan de andere kant van de lijn viel even een lange stilte.
Niet iedereen was altijd blij met zijn muziek. Sommige winkeliers vonden het orgel te luid. Dan gaven ze hem vijf gulden, zodat hij een stukje verderop ging staan. Peter nam het allemaal met een glimlach. Hij kende zijn vaste adressen waar hij kleingeld kon wisselen en maakte overal tijd voor een praatje.
Hij zei eens lachend dat hij zich soms meer een sociaal werker voelde dan een muzikant. Mensen vertelden hem hun verhalen terwijl hij met zijn orgel door de stad trok.
Het orgel Pygmalion
Zijn trots was het draaiorgel dat de naam Pygmalion droeg. Het kleurrijke instrument hoorde net zo bij Apeldoorn als Peter zelf. Maar het werk bracht ook risico’s met zich mee. In zijn latere jaren kreeg hij een ongeluk toen hij onderweg was naar een optreden. Met zijn Ford Taunus en het orgel achter zich gleed hij van de weg.
Hij wist een boom te ontwijken, maar het spatbord van het orgel sloeg tegen de boom. De auto schoof verder door en kwam uiteindelijk tot stilstand tegen een betonnen hek.
De schade was groot. Nog groter was de schrik. Vanaf dat moment werd Peter in de winter extra voorzichtig. Soms gaf hij zelf toe dat hij er zelfs een beetje angstig van was geworden.
Ziekte en een bijzonder afscheid
In de zomer van 2009 kreeg Peter slecht nieuws. Hij bleek kanker te hebben. Het nieuws verspreidde zich snel in Apeldoorn. Honderden mensen stuurden hem kaarten, bloemen en brieven. Het liet zien hoeveel mensen hem in hun hart hadden gesloten.
In augustus 2009 besloot hij afscheid te nemen van zijn publiek. Nog één keer liep hij met zijn orgel door de Hoofdstraat. Mensen bleven staan, gaven hem een hand, maakten een praatje of luisterden stil naar de muziek. Hij maakte nog zijn zestigste verjaardag mee en vierde kort daarvoor zijn 34 jarig huwelijk met zijn vrouw Trees de Graaf. Toch hing er een schaduw over die momenten. Hij hoopte nog de bruiloft van zijn dochter Natasja mee te maken, maar dat lukte niet meer.
Op dinsdagochtend 23 maart 2010 overleed Peter Hurenkamp op zestigjarige leeftijd.
Nog één keer door de stad
Zijn afscheid was uniek. Peter werd achterop zijn draaiorgel gelegd en reed nog één keer door de straten van Apeldoorn. De route liep van de Sperwerlaan via de Stationsstraat, de Hoofdstraat, de Paslaan en de Kerklaan naar de brandweerkazerne aan de Vosselmanstraat. Langs de route stonden mensen stil om afscheid te nemen van de man die jarenlang muziek had gebracht in hun stad. Daarna werd hij in besloten kring gecremeerd.


